05/07 - Antwerpen-Noord kruipt ondanks alles uit het dal
“Over vijftien jaar is het hier het nieuwe Zuid”

(De Morgen) - Het was weer even geleden dat Antwerpen-Noord nog eens zo negatief in het nieuws kwam.

Tot enkele jonge bewoners van 'den 2060' slaags raakten met een busreiziger en de carrousel opnieuw begon te draaien.

Dit beeld van Antwerpen-Noord begint steeds meer tot het verleden te horen
Foto: Indymedia

Seefhoek, Stuivenberg, Dam...

Al decennialang slepen ze het juk van 'Antwerpse probleemwijk nummer één' mee.

Toch begint de meest gestigmatiseerde buurt van Vlaanderen dankzij tientallen miljoenen subsidies en veel inzet langzaam uit een diep dal te kruipen.

Digitale krantenarchieven liegen niet.

De termen 'Seefhoek' en 'Stuivenberg' bleven het voorbije half jaar vrijwel volledig uit de krantenkolommen met 'negatief' nieuws.

Op het oprollen van die ene bende tienjarige straatcriminelen en enkele kleinere berichtjes na was het al positief nieuws wat de klok sloeg.

Nu eens mocht Jan Fabre vertellen over de inplanting van zijn atelier en Troubleyntheater in de Seefhoek, zijn roots.

Dan weer werd er een stripmuur ingehuldigd, de lentepoets aangekondigd of de reddingsactie voor het oude huis van Panamarenko in de Biekorfstraat.

Op 24 juni kwam daar een einde aan.

Een fatale busrit, een dode, zes jongeren.

Allen uit de buurt.

Hartje Stuivenberg, met uitlopers naar het nabijgelegen Borgerhout en de Seefhoek.

De klok kon meteen jaren teruggedraaid worden.

Naar de periode dat televisiecamera's hier gretig inzoomden op al dan niet menselijk zwerfvuil, of dat regionale krantenkoppen de spreuk 'in de Seefhoek zijn de mensen blij als het regent (omdat er dan een beetje rust is)' lanceerden.

"De Seefhoek, Stuivenberg, den Dam... Het zijn sinds vorig weekend opnieuw scheldwoorden, hé. En we waren het efkes kwijt, dacht ik", zucht een zwetende veertiger op een bankje aan de zijkant van het Stuivenbergziekenhuis.

"Maar ik trek het me niet meer aan. Er was een tijd dat ik bijna beschaamd was om hier te wonen. Nu niet meer. Akkoord, er is hier veel miserie. Maar niet meer of minder dan ergens anders in 't stad. Die kerels hadden evengoed uit Berchem of Hoboken kunnen komen."

Toren van Babel
Geen mens trouwens die exact de grenzen van de verschillende wijken kan aangeven.

Niet bij de stad, niet bij de politie, niet aan de cafétoog.

Waar begint de Seefhoek en eindigt Stuivenberg?

Waar begint de wijk Dam?

En zijn Faboert en 't Fortje nu ook nog eens aparte wijken?

Het blijft bij gissingen, twintig verschillende versies.

Voor 'het gemak' - en niet helemaal correct - wordt dan maar de verzamelnaam Antwerpen-Noord genomen, 'den 2060'.

Het gebied zit ruwweg gekneld tussen de spoorweg in het noorden, de Singel in het oosten, de Turnhoutsebaan in het zuiden en de Italiëlei annex De Coninckplein in het westen.

Het is een smeltkroes van exotische voedingszaken en Marokkaanse groente- en fruitwinkels, afgewisseld met bizarre elektro- en/of tapijtwinkels, dampende pitazaken, doffe vzw's en telefoonwinkels.

Leegstaande panden en krotten staan er broederlijk naast opgeknapte, fleurige gevels. Volgens de stadsdiensten leven hier 160 nationaliteiten en nog meer talen en dialecten door elkaar.

De gedroomde voedingsbodem voor extreem rechts, heet het.

En ze zijn ook eenvoudig te vinden: de verzuurde stemmen.

"Ach meneer, ik ben geen racist zenne, maar wij leven hier op een stort. Als het kon, we waren weg. Maar waar moeten we nu nog naartoe?"

Maar even graag spreken collega-bewoners dat tegen.

"Sorry, maar hier kun je gewoonweg geen racist zijn", verbaast een geboren en getogen vijftiger.

"Tussen zoveel verschillende nationaliteiten? Hier moet je verdraagzaam zijn of je overleeft het niet."

"Klopt", knikt Eddy, de patron van café De Vogelenzang in de Lange Beeldekensstraat.

Het is de oudste kroeg van de buurt, bouwjaar 1883, een oud-socialistisch 'lokaal' in de Seefhoek.

Al achttien jaar zet Eddy hier pinten op de wollen tafelkleden van zijn cafétafels.

"We zijn dat eerlijk gezegd ook stilaan beu, hier in de buurt. Om altijd maar dezelfde vragen te krijgen, hetzelfde verhaaltje aan te moeten horen. Het vreet aan een mens. Een negatief beeld ophangen van deze buurt en haar mensen is ook gemakkelijker dan ervan uit te gaan dat dit géén abnormale Antwerpse buurt is. Oké, we hebben onze problemen. Maar zijn die er niet of nog meer in Deurne-Noord, Merksem, Hoboken of zelfs Kapellen en pakweg Temse?"

En Eddy is op dreef.

"Overal komt het op hetzelfde neer: samenleven is vaak moeilijk. En zeker in zo'n van oudsher volkse buurt als de onze. Maar dat betekent niet dat we onze kop laten hangen. Wat voor zin heeft het om altijd maar te zagen en te klagen? Ik wil positief vooruitkijken, voortwerken. Net zoals zovele honderden anderen hier in de buurt. En geloof me, er is iets bewogen de afgelopen vijf, zes jaar."

Stadsprojecten
Officieel bestaat enkel nog de Stuivenbergwijk.

De wijken Seefhoek en Dam zijn op de officiële website van de stad Antwerpen niet meer te vinden.

Daar vallen ze onder Amandus-Atheneumwijk.

"Toegegeven, een niet bijzonder geslaagde, artificiële opdeling van de stad, nu zo'n vijf jaar geleden", glimlacht een stadsambtenaar die liever anoniem blijft.

"Maar geen zorg: in de hoofden van de mensen zijn het nog altijd Seefhoek en Dam."

Maar het zegt wel iets.

De stad wil duidelijk afrekenen met het pijnlijk grote stigma op deze buurten.

Al jaren zijn ze tot ver buiten de stadsgrenzen bekend als de 'probleembuurten' van de Metropool.

Oorden van verderf, armoede, zwerfvuil, ontelbare asielzoekers en wetteloosheid.

Een etiket dat zowel de stad als vele bewoners stilaan de keel uithangt.

Anno 2002 startte het stadsbestuur zijn masterplan voor de wijken.

De projecten stapelden zich de afgelopen jaren op.

Van krotspotten over extra renovatiepremies en het zelf opkopen van verkrotte panden, tot een grondige aanpak van tientallen straten en pleinen of de aanleg van speelpleintjes.

Er was de begin maart officieel gestarte aanleg van het grootse Park Spoor Noord, waar op het oude spoorwegemplacement tegen 2008 een 18 hectare groot park moet komen, als groene long voor de wijken Dam, Seefhoek en Stuivenberg.

Of er was de renovatie van het zwembad in de - oh, ironie - Veldstraat.

Van de 'mijn straat, propere straat'-acties tegen sluikstorten tot de ontelbare overlegstructuren tussen stad, bewonersgroepen en verenigingen.

"Het bataljon projecten dat momenteel loopt, is immens", zegt de stadsambtenaar, niet zonder enige fierheid.

"Of het geapprecieerd wordt? Dat weten we niet. Nog niet. Een huis renoveren duurt al snel twee jaar, een straat heraanleggen vier tot vijf jaar, een hele wijk renoveren bijgevolg twintig tot dertig jaar. Dit is een langetermijnproject. Vergeet niet dat de bel die hier geluid wordt pas werd gehoord door het vorige college."

En de kostprijs?

Een rondvraag bij bevoegde schepenen en stadsdiensten levert geen totaalplaatje op.

"Het kan bizar klinken, maar volgens mij weet niemand nog exact hoeveel euro's er al in deze wijken gepompt zijn", zegt een stadsambtenaar die de hele operatie van dichtbij volgt.

"In elk geval genoeg om eender welke middelgrote gemeente in Vlaanderen volledig in het nieuw te steken (lacht)."

Het (Nederlandse) Kenniscentrum Stedelijke Vernieuwing deed enkele maanden geleden een inspanning om wat gedeeltelijke cijfers op een rij te zetten.

Zoals 23,5 miljoen euro voor het Spoor Noordgebied over een periode van vier jaar, gefinancierd door het federaal programma voor grootstedenbeleid.

Naast 58 miljoen euro voor de hele zone Antwerpen-Noord, in drie gelijke delen betaald door de stad, de Vlaamse Gemeenschap en de Europese Unie.

Aangevuld met gulle giften uit het Stedenfonds (het vroegere SIF) van de Vlaamse Overheid en tal van andere, al dan niet stedelijke, budgetten.

Complimentjes
In de straat worden de inspanningen alvast opvallend gesmaakt.

Geen mens, verzuurd of enthousiast meewerkend, die kan volhouden dat de buurt aan haar lot is overgelaten.

"Ze doen moeite, ongetwijfeld", geeft ook cafébaas Eddy graag toe.

"Wie hier woont, ziet het voor zijn ogen de goede kant uit gaan. Weet je waaraan we een ommekeer merken? Aan de vastgoedprijzen. Huizen van 200.000 euro of meer zijn hier in de buurt geen uitzondering meer. De tijd dat hier alleen nog jonge mensen naartoe trokken omdat het goedkoop was, is langzaam aan het verdwijnen. We worden zelfs stilaan hip (lacht). Geef ons nog tien tot vijftien jaar, en we hebben Het Eilandje en Het Zuid ingehaald. Zeker weten."

En de buurtbewoners geloven er duidelijk ook zelf in.

Tientallen verenigingen en bewonersgroepen zijn actief in de wijken, allochtoon zowel als autochtoon.

"Vooral die alsmaar groeiende inbreng van de allochtone gemeenschap valt op", glundert Frank Hosteaux, ook wel eens de 'burgemeester van de Seefhoek' genoemd, zelf actief in verschillende actiegroepen en binnenkort op de sp.a-verkiezingslijst.

"Naast de klassieke Turkse en Marokkaanse verenigingen zijn er ook Afrikaanse of Armeense tot zelfs een Nepalese vereniging. Ze zijn aanwezig op de vergaderingen met de stad, als er iets ingehuldigd wordt, enzovoort. Een zeer positief samenlevingssignaal."

Ook Hosteaux is een positivo.

"Zij die zeggen dat er hier niets gebeurd is, verkopen absolute onzin", zegt hij.

"Iedereen die hier dagelijks door de buurt wandelt of fietst, hoeft zijn ogen maar open te trekken. Al eens geteld bijvoorbeeld hoeveel BV's er hier ondertussen wonen? Evi Hanssen, Stefan Blommaert, de gebroeders Coppens... Ik zeg niet dat het hier nu plotseling de ideale woonwijken zijn geworden. Maar het is zeker niet het stort waar het voor versleten wordt."

En even opmerkelijk: de lokale politie, jarenlang voor de geüniformeerde afvalbak van Antwerpen versleten, krijgt ook complimentjes.

"Ze roeien natuurlijk met de riemen die ze hebben. En ze hebben het hier allesbehalve gemakkelijk. Maar ze doen nu tenminste wat ze kunnen. Wat lang niet het geval is geweest", zegt Eddy.

En hij merkt het resultaat.

"Acht à negen jaar geleden was het hier qua veiligheid dramatisch. Schietpartijen, messentrekken, prostitutie... Die zwaardere criminaliteit is zo goed als verdwenen."

Patrick, een vijftiger op een terras aan de Handelstraat, beaamt.

"Pas op, als het donker is, zullen de vrouwen nog altijd niet snel alleen op straat komen. Maar er is een tijd geweest dat ook de mannen dat amper durfden. (lacht)"

Dweilen
In het nog steeds blinkend nieuwe politiekantoor op het einde van de straat horen ze het graag.

"Ja, wij waren de vuilnisbak van de Antwerpse politie, maar ondertussen is bijna alle personeel veranderd. Allemaal jonge mensen", glimlacht Jan Michiels, als politieteammanager verantwoordelijk voor de 'politionele operaties' in de hele zone City.

Zelf kwam hij twee jaar geleden vanuit Gent naar deze 'probleemzone' om er commissaris te worden.

"Onze formule? Meer aanwezig zijn op straat, veel communiceren, correcter in de omgang met de mensen zijn... Maar ook: veel korter op de bal spelen, regelmatig acties ondernemen. En vooral niet meer tolereren dat ons werk niet getolereerd wordt."

Toch klinkt er ook een zucht.

"Zolang deze buurt voor de rest van België de plek blijft om asielzoekers te dumpen, is het dweilen met de kraan open. Neem het probleem van het sluikstorten, dat hier immens blijft. Het is soms hard, hoor. Om voor de honderdste keer aan een asielzoeker uit te leggen wat de regels zijn, om dan een week later te merken dat hij of zij alweer verhuisd is en vervangen door nieuwe mensen."

"Of neem het laatste plan", vervolgt Michiels.

"De verhuizing van de Free Clinic (voor drugverslaafden) van de buurt van het De Coninckplein naar het Schijnpoort. Ik moet er geen tekening bij maken zeker wat dat gaat betekenen voor de auto-inbraken in die buurt bij het volgende grote concert in het Sportpaleis? En ook al is het aantal misdrijven fenomenaal aan het zakken, wij scoren in de statistieken nog steeds het slechtst van de hele stad. Het is hier zoals in de rest van de buurt: de evolutie is bezig, maar er is nog werk voor de boeg."

De stadsambtenaar weet het.

"Tussen al het positieve nieuws door zal één vraag volgens mij cruciaal worden: gaan we de jonge mensen die hier nu alsmaar meer in de wijk komen wonen ook kunnen houden? Gaan we hen genoeg degelijk onderwijs en speelruimte kunnen bieden als ze kinderen krijgen? Gaan we hen kunnen garanderen dat ze 's avonds veilig over straat kunnen wandelen? Nog eens: dat zullen we pas over tien tot vijftien jaar weten. Maar aan ons zal het niet gelegen hebben. (lacht)"

Peter Goris

terug start reageer lees de reacties

Omhoog

privacybeleid

Omhoog

©ALP

web
analytics

Adverteren