10/05 - "Ik ga hier nooit meer weg!"

 


Maria Heylen, Jeugboekenschrijfster, won al vier maal de Kinder- en Jeugdprijs van Vlaanderen en nog een aantal andere prijzen voor haar werken. Op haar website vind je ze allemaal terug.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


In het boek 'Het meisje met de ster' vertelt Maria over hoe ze zelf de oorlog als kind heeft ervaren. "Mijn vader zei me altijd 'schrijf daar eens een boek over'. Ik heb het uiteindelijk na zijn overleden geschreven en aan hem opgedragen"

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


"Iets positiefs over het Merksem van nu? Hmmm ... mag ik daar even over nadenken? Het doortrekken van de tramlijn, dat vind ik wel een verbetering. Vooral mijn man maakt daar gebruik van als hij in Schoten of in 't Fort van Merksem gaat wandelen."

 

Mogen wij u voorstellen:

Maria Heylen, Jeugboekenschrijfster.
Geboren in Geel op 28 mei 1933, en sinds haar tiende getogen in Merksem. Afgelopen zondag werd zij in Oostende bekroond door de Kinder- en Jeugdjury Vlaanderen 2003 met haar boek 'Voettocht naar de vrijheid'.

Maria Heylen werd geboren in Geel, in de woning van haar grootouders. “Mijn ouders woonden in het centrum van Antwerpen, maar vroeger ging je nog thuis bevallen, dus trokken mijn ouders naar Geel tegen de tijd dat ik eraan kwam. Ik bracht nagenoeg alle vakanties bij mijn grootouders door. Vooral mijn grootvader had toen al zijn bedenkingen bij de bezoedelde stadslucht en vond het voor mij beter om regelmatig eens tussen het groen te verblijven.”

Oorlog
In 1940 verhuisde de familie Heylen naar Merksem. Naar het zelfgebouwde huis in de Taxandriastraat.

Kort na hun intrek brak de tweede wereldoorlog uit. “Dat was een vreselijke tijd. Mijn grootvader had een binnenschip en met de hele familie moesten we met een lading in Duinkerke zien te geraken. Dat lukte natuurlijk niet.”

Terug in Merksem brak een tijd van angst en onderdrukking aan waarin de familie regelmatig dekking zocht in de schuilkelder om zich te beschermen tegen de aanvallen van de Duitsers. De bevrijding van Antwerpen woog voor hen dubbelzwaar.

“Ik weet nog hoe mijn vader ons vroeg om even stil te zijn en hoe we toen de klokken hoorden luiden in Antwerpen terwijl wij in de schuilkelder bang het volgende bombardement afwachten. We zijn toen nog een maand in de Du Chastelei bij vrienden ondergedoken omdat het in ons huis echt te riskant was.”

Een maand na de bevrijding van Antwerpen werd ook Merksem weer terug heroverd en kon het leven voor Maria terug beginnen.

Regentaat sierkunsten
De lagere school maakte ze af in het Stella Maris Instituut. Het middelbaar onderwijs liep ze door in Antwerpen.

“Ik tekende enorm graag. Mijn vader vond dat ik een studie moest kiezen waar ik makkelijk werk in kon vinden en onderwijs was daar één van. In St. Maria in Antwerpen kon ik regentaat Sierkunsten volgen en dat was een ideaal compromis.”

Zo kon Maria doen wat ze leuk vond en dat met toekomstperspectief. Na haar studies ging ze aan de slag als onderwijzeres. In St. Agnes in Borgerhout en in St. Maria in Antwerpen. Maar in die katholieke scholen mocht je als lerares niet getrouwd zijn dus toen ze zich verloofde moest ze op zoek naar een andere baan. De Londenstraat was iets progressiever dus vervolgde Maria haar carrière als lerares daar. Tot de derde zoon werd geboren, vanaf dat moment bleef Maria thuis. Om nog iets bij te verdienen werkte ze toen als illustrator voor een uitgeverij.

Eerste boek
Iedere avond vertelde Maria een verhaaltje voor het slapengaan aan haar kinderen. Ze besloot op een gegeven moment om één van die zelfverzonnen verhalen op papier te zetten. Zo ontstond haar eerste boekje 'Tafke'.

"De illustratie van dat boekje heb ik ook zelf gedaan. Dat deed ik met al de boeken die ik in het begin schreef maar uiteindelijk moest ik de keuze maken tussen schrijven of illustreren. Ik heb voor schrijven gekozen.”

Inspiratie
Maria haalt haar inspiratie voor een nieuw boek uit het dagelijks leven. Zo kan een artikel uit een krant of tijdschrift haar fantasie al prikkelen.

“Ik las ooit een interview in de krant van een meisje op haar vier jaar in een weeshuis was geplaatst. De levenslust en moed van dat meisje ontroerde me. Toen haar uiteindelijk de vraag gesteld werd of ze niet nieuwsgierig was naar haar moeder en of ze die zou willen opzoeken antwoorde ze 'neen. Of misschien om één vraag te stellen aan haar en dat zou dan zijn - Waarom besloot je toen om mijn broertje bij je te houden en mij te dumpen, wat kan een vierjarig kind reeds verkeerd hebben gedaan dat je kon doen besluiten tot die keuze' .... wel, als ik zoiets hoor dan begint zich in mijn hoofd een verhaal te vormen. En dat zet ik op papier. Zo is 'Een tweedehands leven' ontstaan.”

Ze schreef ooit over haar eigen ervaringen en met zichzelf in de hoofdrol. Het boek 'Het meisje met de ster' gaat over hoe ze als kind de oorlog beleefd heeft.

En zo heeft ieder boek, ieder verhaal zijn eigen ontstaan. Zoals ook 'Sprong in de ruimte' waarin ze zich baseerde op haar schoondochter die er als zestienjarige voor koos om hier te blijven toen haar ouders terug naar China trokken

Merksem
Merksem zelf was vroeger voor Maria een heerlijke plaats om te wonen.

“Je moet je voorstellen dat er toen maar één speeltuin was. Niet te vergelijken met de speelparken van nu die je op bijna iedere straathoek terugvind. In die speeltuin toen had je een schommel met een grote houten plank waar je met meerderen op kon zitten, dat was voor ons dé attractie. We gingen daar met onze ouders heen met de picknickmand erbij en troffen daar ook altijd bekende gezichten.”

Zaal Bart was de uitgaansplek. Regelmatig werden daar door jeugdbewegingen aktiviteiten georganiseerd. En toen ook haar neef als pastoor werd benoemd in de St. Franciscusparochie werd Maria nog meer bij de aktiviteiten van de jeugd betrokken.

“Een week of wat geleden kwam er hier aan de overkant een optocht langs, de chiro ging toen naar het Nationaal zangfeest in het sportpaleis en werd begeleid door een fanfare. Mijn man en ik hebben daar toen echt voor het raam naar staan kijken. Voor ons is dat jeugdsentiment hé.”

Als Maria het beeld van de omgeving van toen oproept ziet ze weer de korenvelden achter de tuin die reikten tot aan het kanaal, en de grazende koeien die op het uitgestrekte grasland stonden. Daar waar nu de Groenendaallaan loopt en alles ondertussen is volgebouwd.

“De Oude Bredabaan, daar kon je toen alles vinden! De bakker en de beenhouwer en de melkboer en de dokter en noem maar op. Dat stuk van de Bredabaan leefde toen; het was deel van Merksem. Helaas is er niets meer van over.”

De staat van de huidige Bredabaan vindt Maria verschrikkelijk. “Ik loop daar liever niet. Het voetpad ligt er erbarmelijk bij. Als ik daar overheen moet ben ik bang om iets te breken. Vroeger had je daar ook echt brede voetpaden maar dat zijn nu parkeerplaatsen geworden.”

De sfeer die er in het Merksem van vroeger hing mist Maria nog het meest.

“Het zal er ook wel mee te maken hebben dat ik geen familie meer heb in Merksem. Je komt dan niet zo gemakkelijk meer in andere wijken. Maar ook de gemeenschap zoals dat vroeger was is niet meer ... alles is zo versnipperd. Toch wil ik hier nooit meer weg. Ik moet er niet aan denken om ergens anders in een nieuw huis te gaan wonen. Hier is mijn thuis, hier ben ik opgegroeid. Dat wil ik niet kwijt.”

Het volgende boek van Maria's hand is net doorgestuurd naar de uitgever. Een boek dat zich afspeelt rond een klooster op een berg in Kreta. 'De herder van Arkadi' wordt de titel, tenminste, als de uitgever daarmee akkoord gaat.

Goedele van de Perre


terug start reageer lees de reacties

   

Omhoog

privacybeleid

Omhoog

©ALP

web
analytics

Adverteren